| Zeeuws-Vlaanderen |
| Orisant |
Eiland in
de Oosterschelde. Ingepolderd in 1602, verdronken in 1639. Het
dorp Orisant lag aan de zuidkant van het eiland op de linkeroever
van de afgedamde kreek de Vijsse. |
| Oud-Arnemuiden
(2 keer) |
Het dorp
Arnemuiden komt in 1223 voor het eerst in geschreven bronnen
voor. Volgens en stuk uit 1288 wilde Floris V het dorp stadsrechten
geven, maar zover is het nooit gekomen. Omdat de stroom de Arne
steeds westelijker kwam te liggen raakte het dorp bedreigd.
Het werd rond 1440 door het water verzwolgen. Ongeveer twintig
jaar bestond er een tweede Arnemuiden. Ook dat verdween in het
water. In 1462 ontstond het derde en definitieve Arnemuiden. |
Oudeman
(ook Waterland) |
Verdronken
dorp in de Oudemanspolder bij voorheen de gemeente IJzendijke.
Verdween rond 1500. |
| Ouderdinge |
Verdronken
dorp in het Land van Reimerswaal. Ouderinge lag ten noordoosten
van Rilland. Het dorp werd voor het eerst genoemd in 1288. De
kerk van Ouderdinge was gewijd aan St Jacobus en aan de Heilige
Maagd. Ouderdinge verdronk in 1530. |
| Oud-Bath |
Lag enige
kilometers oostelijk van het huidige Bath. Het verdronk in 1552 |
| Oud-Breskens |
In 1510 werd
de Groot-Breskenspolder bedijkt. Daar groeide tussen 1515 en
1585 een woonkern rond een kerk die gewijd was aan de Heilige
Barbara. In 1585 verdronk het eerste Breskens door een inundatie
die veroorzaakt werd door de bewoners van het nabij gelegen
Groede. Pas in 1610 kwam het huidige Breskens tot ontwikkeling.
|
| Oud-Domburg |
Nederzetting
die iets westelijk van het huidige Domburg lag. Door landinwaarts
wandelende duinen is Oud-Domburg, ook wel Romeins Domburg genoemd,
onder de duinen gewaaid en deels in zee terechtgekomen. |
| Oud-Everinge |
Verdronken
dorp ten westen van Ellewoutsdijk, in 1288 genoemd in de rekeningen
van het bisdom Utrecht. De juiste ligging is niet bekend. Het
dorp verdween tussen 1450 en 1500 in de Westerschelde. |
| Oud-Geersdijk |
Dit dorp
op Noord-Beveland was in 1216 een zelfstandige parochie. Het
dorp verdween tijdens de vloeden van 1530 en 1532 in de golven.
In de buurt van het verdronken dorp groeide na de inpoldering
van Noord-Beveland in 1598 een nieuw Geersdijk. |
| Oud-Graauw |
In 1170 is
het dorp Graauw in Zeeuws-Vlaanderen eigendom van de abdij van
ter Duinen in Vlaanderen. Het dorp verdwijnt tijdens overstromingen
in de zestiende eeuw. Een nieuw Graauw ontwikkelt zich na de
bedijking van de nieuwe Melopolder in 1682. |
| Oud-Hamerstee
(wapen komt voor in Smallegange) |
Verdronken
dorp op Noord-Beveland. Het lag ten noorden van het huidige
Kats. De kerk van Oud-Hamerstee werd in 1304 buitengedijkt en
verdween in de Oosterschelde. Overblijfselen van Oud-Hamerstee
kunnen nog op de schor-ren ten noorden van Kats worden aangetroffen. |
| Oud-Kats |
Subburchdijk
heette het dorp dat we nu als Kats kennen. In 1530 ging het
dorp ten onder. De kerk van het dorp was verantwoording schuldig
aan de kerk van West-Souburg. Vandaar de naam Subburchdijk.
In 1598 bij de herdijking van Noord-Beveland ontstond iets ten
noorden van het verdronken dorp het huidige Kats.
Bij ruilverkavelingwerk in 1971 kwamen resten van het oude dorp
Subburchdijk tevoorschijn. |
| Oud-Kortgene |
Deze stad
vinden we in 1247 voor het eerst in de archieven. De stormvloeden
van 1530 en 1532 waren teveel voor Oud-Kortgene. Pas in 1684
werd het gebied herdijkt en ontstond het huidige Kortgene. |
| Oud-Krabbendijke |
Hendrik van
Schoten, heer van Breda deed in zijn tijd, de twaalfde eeuw,
al in onroerend goed. Ten noorden van het huidige Krabbendijke
op Zuid-Beveland bezat hij een verlaten schorrengebied. Dat
deed hij in 1187 met een gul gebaar cadeau aan de abdij van
Ter Doest in Brugge. De monniken, nijvere lieden, bedijkten
het schor en stichtten er twee grote boerderijen. Daar groeide
een klein dorp. De St.-Felixvloed van 5 november 1530 bleek
de monniken te machtig. Krabbendijke ging ten onder. In 1595
werd na herdijking en nieuw Krabbendijke gesticht. |
| Oud-Othene |
Dorpje oostelijk
van Terneuzen. Het wordt in 1160 voor het eerst genoemd. Het
dorp is in 1586 ten onder gegaan. |
| Oud-Rilland |
De abdij
van Nijvel moet in 980 al; bezittingen in Rilland hebben gehad.
Tot de dertiende eeuw was Rilland een eiland. Bij Rilland, aan
de over van de Westerschelde stond een tol. Rillans ging in
1530 ten onder.
In de achttiende eeuw werd het huidige Rilland gesticht. |
| Oud-Schoondijke |
Dit dorp
wordt in 1246 voor het eerst genoemd als Sconendica. Tussen
1585 en 1587 kwam dit oude Schoondijke door oorlogshandelingen
onder water te staan. Het dorp zou gelegen hebben op de plek
van het oude kerkhof bij het huidige Schoondijke. Het nieuwe
Schoondijke werd in 1652 gesticht volgens een strak geometrisch
grondplan. |
| Oud-Stavenisse |
De parochie
Stavenisse wordt al in 1223 ge-noemd. De kerk was gewijd aan
St. Maarten. In 1304 werd Stavenisse overstroomd. Na herdijking
verdween het dorp in 1509 opnieuw in de golven. Het duurde tot
1599 eer een nieuwe inpoldering plaatsvond. Pas toen werd het
huidige Stavenisse, geheel projectmatig, gesticht. Dit nieuwe
Stavenisse is een voorstraatdorp. Zoals in soortgelijke dorp
in Zeeland en West-Brabant loopt de Voorstraat er van de kerk
naar de haven. |
| Oud-IJzendijke |
Verdronken
stad in de Braakman. Oud-IJzendijke komt al in 1046 in de archieven
voor. Het kreeg in 1127 stadsrechten. Het eerste IJzendijke
ging in 1404 ten onder. In 1587 liet de Spaanse veldheer Parma
twee kilometer ten zuidwesten van het oude IJzendijke een schans
met vier bolwerken bouwen. Dat werd het begin van het IJzendijke
zoals we dat nu nog kennen. Gesticht door de Spanjaarden, dus. |
| Oud-Westenschouwen |
Dit dorp
heette aanvankelijk Paalvoetseinde. Het lag aan een kreek in
een opening van de duinen op Schouwen. Oeverafslag tastte de
beschermende duingordel aan. Oud-Westenschouwen verdween aan
het eind van de vijftiende eeuw onder de zeespiegel. |
| Oud-Westkapelle |
Verdronken
handelsnederzetting die door oeverafslag in zee terechtgekomen
is. In 1696 schreef M. Smallegange dat het oude Westkapelle
al "meerdere eeuwen" in zee ligt en dat men "daar dagelijks
den vis vangende is." Geschiedschrijvers meldden dat het oude
Westkapelle in 1368 en 1377 overstroomde. De kerk van het oude
Westkapelle moest in 1458 worden afgebroken omdat de ze de fundering
naderde. Bij Westkapelle vond men in 1514 en altaar dat zowel
aan de Germaanse god Magusanus als aan de Romeinse god Hercules
gewijd was. |
| Oud-Wissenkerke
(I) |
Als zelfstandige
parochie wordt Wissenkerke op Noord-Beveland al in 1242 genoemd
Het moet een flinke parochie geweest zijn, want er woonde volk
genoeg om twee pastoors werk te geven. Waar het eerste Wissenkerke
precies heft gelegen is niet bekend. Na overstromingen in1352
is het dorp verplaatst naar de noordhoek van de huidige Geersdijkpolder.
|
| Oud-Wissenkerke
(II) |
Ook het tweede
Wissenkerke ging door het water ten onder. Het overstroomde
tijdens de stormvloed van 1530. De toren van het oude Wissenkerke
bleef nog lange tijd overeind staan. In de volksmond heette
dit restant de Plompe of Kamperlandse toren. De Torenpolder
dankt er zijn naam aan. In 1755 werd de bouwval opgeruimd. In
1774 werd er bij de Torenhoeve een gedenksteen geplaatst die
herinnert aan de toren. |
Pakinge
(ook St.- Laurenskerke) |
Dorp ten
noordwesten van Hoek in Zeeuws-Vlaanderen tussen twee andere
verdronken dorpen: Wevelswale en Vremdijke. Van Pakinge weten
we dat er, behalve huizen of hutten, ook twee schaapskooien
hebben gestaan. Pakinge ging in 1214 ten onder in de golven
van de Braakman. Na die tijd staat Pakinge als pro memorie in
de boeken. |
| Peerboom |
Verdronken dorp in de Braakman.
Peerboom lag ten zuiden van Sluiskil. De eerste vermelding dateert
uit 1250. De Vlaamse abdij van Ter Duinen had er in 1240 een
uithof, en grote boerderij. Aan deze uithof was ook een hospitaal
verbonden. Oorlogsgeweld bezegelde het lot van het dorp Peerboom.
In 1488 voerde Maximiliaan van Oostenrijk een oorlog in het
huidige Zeeuws-Vlaanderen. Peerboom moest verlaten worden vanwege
inundaties. De stormvloed van 1493 bezegelde het lot van Peerboom. |
| Poppendijke |
Gehucht in het Verdronken
Land van Reimerswaal. |
| Reimerswaal |
Het verdronken Reimerswaal
was destijds de derde stad van Zeeland. Het verdronk in 1530
en ging in 1634 definitief ten onder.
Klik voor meer informatie op Reimerswaal |
| Remboudsdorpe |
Een van de vier verdronken
dorpen van het vrij dichtbevolkte eiland Wulpen. Remboudsdorpe
ging voor 1345 verloren. |
| Rengerskerke |
Verdwenen en verdronken dorp
in het Zuidland van Schouwen. Bij Rengerskerke stond het in
1479 gestichte klooster van de Regulieren van Bethlehem, behorend
tot de congregatie van Sion. Niet lang, de Oosterschelde rukte
op. De kanunniken moesten in 1486 al verhuizen. In 1662 was
het dorp totaal verdwenen. |
| Risinge |
Gehucht op het voormalige
eiland Borssele. Verdronken tijdens de stormvloeden van 1530
en 1532. |
| Rodee |
De buurtschap lag enkele honderden
meters westelijk van het havenhoofd van Zierikzee. De laatste
woningen van Rodee werden in 1642 afgebroken. Kort daarop sloot
het water van de Oosterschelde zich boven dit dorpje. |
| Runckendorp |
Ruschevliet
(ook Rusgefleta, Ruschflite) |
Verdwenen en verdronken dorp
ten zuidwesten van Schoondijke. Rond 1150 stroomde in West-Zeeuws-Vlaanderen
in het gebied tussen Schoondijk en Oostburg het riviertje Rusgefleta.
In die jaren kocht de Gentse abdij van St.-Pieters grond langs
de Rusgefleta. Het ging om landbouwgrond en om moergrond. De
abdij organiseerde er het kerkelijk bestuur in een proosdij.
|
| Saeftinghe |
De stad Saeftinghe ging lag
bij het kasteel van Saeftinghe. Het ging in 1214 al een keer
bij een hoge vloed ten onder. De oudste melding over Saeftinghe
is een oorkonde uit 821 van Lodewijk de Vrome van Frankrijk.
Hij bevestigt met dat stuk zijn bezit. Na een verwoestende overstroming
in 1334 verviel Saeftinghe tot een dorp. Het kasteel van Saeftinghe
werd in het begin van de zestiende eeuw door de Antwerpenaren
verwoest. Rond 1930 zag Gustaaf de Maaijer (Staf de Sterke)
uit Nieuw-Namen de fundamenten van het kasteel bij eb nog boven
water komen. |
Schoneveld
(Sconeveld) |
In de monding van de Westerschelde
lagen in de Middeleeuwen een aantal eilanden. Een ervan was
Schoneveld. In de tijd dat Gwijde van Dampierre graaf van Vlaanderen
was, 1278-1305, moet er een dorpje en zelfs een buitenplaats
hebben gelegen. De stormvloed van 1375 brak de dijken van Schoneveld.
Het raakte overstroomd en komt daarna niet meer in de bronnen
voor. De zandbank die nu op de plaats van het eiland ligt, heet
nog altijd de Schoneveldbank. |
| Schoudee |
Dorp in het westelijk deel
van het Verdronken Land van Reimerswaal. Ondergegaan in 1530-1532. |
| Simonskerke |
Voor 1500 verdronken dorp
aan de zuidkust van Schouwen |
St.-Catharina
(ook St.-Cathelijne) |
Verdronken dorp bij het huidige
Oostburg. Het dorp lag aan de zuidzijde van het water dat we
nu kennen als het Grote Gat. De Gentse St.- Pietersabdij inde
er belastingen. Tijdens de stormvloed van 1375/1376 verdween
het dorp onder water. Het herstelde zich en de kerk werd rond
1400 weer herbouwd. Het dorp verdween in 1583. Het gebied waar
het dorp zich ooit bevond, heet nu de Cathalijnepolder. In 1962
werden bij werkzaamheden resten van de kerk en van huizen in
de grond aangetroffen. |
| St.-Christoffelskapelle |
Kleine nederzetting in de
Yevenpolder in Zeeuws-Vlaanderen. Het lag in de buurt van Gaternesse.
De Yevenpolder verdronk eind zestiende eeuw. Toen verdween ook
St.- Christoffelskapelle. |
| St.-Jacobskerke |
Voor 1500 aan Oosterschelde
prijsgegeven dorp in het gebied Zuidland op Schouwen. |
| St.-Janscapelle |
Het dorp St.-Janscapelle lag
rond 1300 ten westen van Sas van Gent. Uit opgravingen in 1979
bleek dat het een welvarende gemeenschap geweest moest zijn.
Het dorp verdween door en overstroming in 1488. |
| St.-Jooskapel |
Verdronken gehucht in het
land van Reimerswaal. St.-Jooskapel ging in 1530 ten onder. |
| St.-Katherijnekerke |
Verdronken dorp en parochie
op het voorma-lige eiland van Borssele. De kerk stond er al
voor 1275. De stormvloeden van 1530 en 1532 betekenden de ondergang
van St. Katherijnekerke. |
| St.-Kruispolder |
Verdronken parochiedorp bij
Aardenburg. Het ging in 1375/1376 ten onder. |
| St.-Lambert-Wulpen
|
Dorp op het eiland Wulpen.
Het eiland lag voor de kust van Zeeuws-Vlaanderen. Het eiland
Wulpen telde vier dorpen. Het had een eigen hospitaal. In 1292
werd het aangeduid als: "Sancte Marie in Wlpis." Wulpen werd
voortdurend door stormen en overstromingen bedreigd. In 1516
was St.-Lambert-Wulpen het laatste dorp van het eiland dat door
de zee werd verwoest. |
| St.-Laurenskerke |
Verdronken dorp in de Braakman |
St.-Nicolaas in
Varne
(Vaerne of Langaardenburg) |
Ooit van dit stadje gehoord?
Nee. Toch is het een oud stadje in het grensgebied van Zeeuws-Vlaanderen
en Belgie. St.-Nicolaas in Varne beschikte in 1252 zelfs over
een eigen schepenbank.
De bewoners van St.-Nicolaas in Varne moeten gedacht hebben
dat ze in het voorportaal van de hel woonden. Hun dorp lag ten
zuidwesten van IJzendijke in Zeeuws-Vlaanderen. Het was een
moerassige, verlaten, woeste streek, het einde van het land,
door velen gezien als het begin van de onderwereld. In Varne
kwam volgens sommigen van Averno, een meer in Italië waar
aldus de overlevering de onderwereld begon. Andere bronnen houden
het er eenvoudig op dat varne is afgeleid van varnte, en oud
woord voor onkruid.
Hoe dan ook, het dorp met de mooie naam verdronk in 1377 en
liet niets achter dan een enkele naamsvermelding in officiële
stukken. |
| St.-Trooye |
Verdronk nederzetting op Zuid-Beveland. |
| Slepeldamme |
Gehucht op voormalig havenhoofd
van Aardenburg. Er lag en sluis. Ook was er een tolkantoor voor
de scheepvaart van en naar Aardenburg. Via Slepeldamme werd
veel vee en graan aangevoerd uit Holland en Zeeland. In 1280
promoveerde Slepeldamme tot tolkantoor van Damme. Het dorpje
ging door inundaties in 1583 en 1604 voorgoed verloren |
Soetelingkercke
(ook Soelekerke, Zoelenkerke, waarschijnlijk ook Soeke) |
Verdronken dorp op Noord-Beveland.
De kerk dateerde er uit 1206. Het dorp Soetelingkerke lag in
het zuidwesten van het oude Noord-Beveland. Dat verdronk in
1530 en 1532. Na herdijking werd het gebied van Soetelingkercke
bij Wissenkerke gevoegd. |
| Stampaert |
Dorp in het Verdronken Land
van Saeftinghe |
| Stardijk |
Verdronken nederzetting in
Zeeuws-Vlaanderen, rond 1300. Het gehucht Stardijk lag in de
buurt van Boterzande in de huidige Braakman. |
| Steelant |
Dorp ten zuidwesten van Terneuzen,
richting Sluiskil. Het was in 1199 een parochie. De kerk behoorde
aan het kapittel van St.-Salvator te Utrecht. Steeland telde
in 1469 95 woningen. Het dorp liep in de veertiende eeuw onder
water en verdween in 1488 definitief in de oprukkende Braakman. |
| Steelvliet |
Dorp in het Verdronken Land
van Reimerswaal. Het ging bij de vloeden van 1530 en 1532 ten
onder. |
| Stuivezand |
Verdronken dorp en parochie
ten zuiden van Baarland. Stuivezand werd tussen 1370 en 1375
bedijkt in opdracht van de Hollandse graaf Willem V. Omdat de
geulen van de Westerschelde die toen nog de Honte heette, meer
en meer tegen de Bevelandse wal drukte, kreeg Stuivezand met
veel dijkdoorbraken te maken. In 1525 werd de Dierik, een stroomgeul
tussen Stuivezand en het vasteland van Zuid-Beveland, afgedamd.
De bewoners van Stuivezand konden nu te voet naar het land van
Borssele en Baarland. Dat deden ze ook. En de meesten kwamen
niet meer terug. Zeker niet na de vloeden van 1532, 1552 en
1570. Overstromingen maakten het eiland steeds kleiner. Het
laatste stukje Stuivezand verdween in het begin van de zeventiende
eeuw definitief onder water. |
| Ten Hamer |
Dorp tussen Biervliet en IJzendijke.
De parochie Ten Hamer wordt in 1194 voor het eerst vermeld.
Veel grond in de omgeving van het dorp was eigendom van graaf
Boudewijn IX van Vlaanderen. Die bemoeide zich er niet echt
mee. Hij hield van warmer streken, nam deel aan de vierde Kruistocht
en werd keizer van Constantinopel. Hij werd op terugreis gevangen
genomen door de Bulgaren. Zijn broer Hendrik volgde hem op.
Hij gebruikte de bewoners van Ten Hamer als eigendomsverzekering.
Zo boerden bij Ten Hamer Walter van Monnickenwerve en de gebroeders
Jacob en Boudewijn van IJzendijke. Ze hadden er grond in leen.
Dat schepte wel verplichtingen. De bewoners van Ten Hamer moesten
zijn eigendommen van heer Hendrik bewaken. In geval van nood
waren ze gedwongen om als dorpsmilitie gewapend met hem op te
rukken. Daar stond weinig tegenover. Zo kreeg het dorp geen
eigen rechtspraak in de vorm van een schepenbank. Het simpele
dorp Ten Hamer ging ten onder tijdens de stormvloed van 1375/1376
|
| Ter Hoole |
Gehucht in het Land van Saeftinghe.
Ter Hoole lag in de buurt van het eveneens verdronken dorp Weele. |
| Ter Piet |
Gehucht of dorp in Zeeuws-Vlaanderen.
Ter Piet lag ten noorden van Biervliet. Het gebied rond Ter
Piet kwam in 1242 in bezit van de St.-Pietersabdij. De bewoners
van Ter Piet waren kleine boeren. Ze specialiseerden zich in
het verbouwen van tarwe en meekrap. Elk jaar moest ze belasting,
grondcijns, afdragen aan de grondeigenaren in Gent. Een deel
van dat geld kwam ten goede aan de plaatselijke pastoor en diens
koster. Uit de archieven blijkt dat het boeren van Ter Piet
niet altijd meezat. Regelmatig konden ze hun grondcijns niet
volledig betalen. De abt van de St.-Pieter stuurde dan onmiddellijk
een bode te paard naar Biervliet. Die bereden deurwaarder moest
er voor zorgen dat het volk van Ter Piet tot de laatste penning
betaalde.
Ter Piet verdween tijdens de stormvloed van 8 oktober 1375 in
de Braakman, toen de Zuudzee genoemd. |
Tewijk
(ook Tevewijc Thevic, Tewic, Tevicambacht) |
Verdronken dorp op het voormalige
eiland Borssele. Het dorp lag ten noorden van het dorp Monster,
het tegenwoordige Borssele. Tewijk wordt al voor 1275 als parochie
genoemd. De kerk was gewijd aan Johannes de Doper. Overblijfselen
van Tewijk zijn teruggevonden op de grens van Borsselepolder
en de Nieuw-Westkraaijertpolder. |
Tolsende
(ook Tolseynde, Totelsende, Tholsende) |
Dorp in het Verdronken land
van Reimerswaal. Het dorp Tolsende ontstond in een twaalfde
eeuwse bedijking ten oosten van Yerseke. Tolsende wordt voor
het eerst genoemd in 1275. Stormvloeden gingen er regelmatig
tekeer. In 1439 is Tolsende als onroerend goed van symbolische
waarde geworden. Het staat te boek als een verloren ambacht.
Na herdijking verdween het dorp definitief tijdens de vloeden
van 1530 en 1532. In 1656 en 1669 zijn kleine stukken van het
verdronken Tolsende herdijkt en bij Kruiningen en Yerseke gevoegd.
De naam leeft nog altijd voort in de Olzendepolder ten zuiden
van Yerseke. |
| Triniteit |
Maria van Artois, de weduwe
van graaf Jan van Namen stichtte op 19 september 1336 het dorp
Triniteit ten zuiden van Terneuzen. Ze beloofde aan Jan van
Diest, de bisschop van Utrecht dat driekwart van de plaatselijke
belastingopbrengsten naar de pastoor zouden gaan, Een kwart
was bestemd voor de inrichting en het onderhoud van een hospitaal.
De bisschop vond het prima. Hij wilde de kerk wel inwijden.
Of de adellijke Maria dan maar een bijdrage wilde leveren aan
de bouw van de kerk. Haar zoon Willem had ook een eis: hij wilde
voor hem en zijn opvolgers het erfrecht om pastoors te mogen
benoemen. De bisschop deed er niet moeilijk over.
Op 21 januari 1340 was het zover en wijdde een plaatsvervanger
van de bisschop de kerk in Maria van Namen presenteerde eerste
pastoor: Johannes Boudweijnsz. De nieuwe parochie kreeg nog
een bijzondere attractie: wie de kerk bezocht, in devotie om
het kerkhof liep en de kerk enige aalmoezen schonk kon rekenen
op afkoop van zonden: een aflaat van veertig dagen. Tijdens
de Tachtigjarige Oorlog was Triniteit slagveldzone. Het dorp
verdween9999 in 1584 en 1585 door militaire inundaties onder
water. De kerk stond er toen nog. De katholieken waren er hun
gezag toen al kwijt. Lieven Coenen werd rond 1580 de eerste
dominee van Triniteit |
| Valkenisse |
Valkenisse lag ten zuidoosten
van Waarde. De kerk van Valkenisse werd in 1233 gewijd en behoorde
tot het kapittel van Oudmunster te Utrecht. Valkenisse verdween
in 1682 in de Westerschelde. |
| Vinkenisse |
Voormalig dorp op Zuid-Beveland.
In Vinkenisse stond een kapel die gewijd was aan St.- Cornelis.Vinkenisse
door de vloed van 1 november 1530 verzwolgen. Vinkenisse ligt
in de Westerschelde ten zuiden van de Zimmermanpolder bij Waarde. |
| Vinninge |
Verdronken dorp ten zuiden
van Biezelinge in de Westerschelde. Vinninge lag op het voormalige
eiland Baarland. De kerk van Vinninge was gewijd aan de Heilige
Maria. Vinkenisse was destijds tot in Rome bekend, want het
wordt in 1216 genoemd in een pauselijke oorkonde. Vinninge is
waarschijnlijk door de vloed van 1530 ten onder gegaan. |
| Vliete (ook Nyenvliet) |
Het dorpje Vliete was bekend
als vissersplaats. Vliete lag ten westen van Wijtvliet op Noord-Beveland.
Er stond een St.-Catherinakapel. Volgens Reygersbergh heeft
er ook een kasteel gestaan. Vliete verdronk in 1530. |
Vremdijke
(ook Vroondijk, Vremdic, Frondic, Vrandic) |
In 1114 had de Gentse abdij
van St.- Pieter al onroerend goed in Vremdijke. De kerk van
Vremdijke was gewijd aan St.-Basilius.Door stormvloeden in de
veertiende en de vijftiende eeuw verdwenen veel landerijen in
de Braakman. Ook Vremdijke ging in1488 ten onder. Een paar jaar
later werd er, na een herdijking een nieuw Vremdijke gesticht
(1515). In 1579 bekeerde pastoor Michael Struv van Vremdijke
zich tot het protestantse geloof. Dat ging hem niet helemaal
glad af. Bij een onderzoek bleek dat de ex-pastoor niet goed
thuis was in de rituelen van de nieuwe leer. Hij werd op cursus
gestuurd naar het strengcalvinistische Gent. De ouderlingen
van Vremdijke vroegen om een nieuwe predikant. Dat werd Lieven
Koene. Na 1590, toen prins Maurits Zeeuws-Vlaanderen had veroverd,
werd de regio een soort missiegebied. Vremdijke, Terneuzen en
Biervliet kregen samen een predikant. Om van Terneuzen naar
Biervliet te raken moest hij achter om de Braakman reizen, via
Philippine. In 1592 was die predikant Johannes Bollius, een
in Gent getrainde predikant. Hij woonde in Vremdijke. Tijdens
een stormvloed in de nacht van 25 op 26 november 1601 brak de
Braakman opnieuw door de dijken heen. Het dorp Vremdijke overstroomde.
Veel inwoners verdronken. Dominee Bollius overleefde de nachtelijke
catastrofe. Hij vluchtte landinwaarts op zoek naar een droge
plek. Hij kwam in het nog nieuwe Mauritsfort terecht. Hij bouwde
daar al snel een nieuwe kerk en organiseerde er de gemeente
Hoek. |
| Vulendike
(ook Volendike) |
| Waterdunen |
Waterdunen is een van de meest
mysterieuze stadjes uit de Zeeuwse geschiedenis. Het moet op
een eiland in de monding van de Westerschelde gelegen hebben.
Dat eiland lag tussen de eilanden Wulpen en Koezand, voor de
kust van het huidige Zeeuws-Vlaanderen. Uit oude belastingarchieven
blijkt dat Waterdunen van redelijk grote omvang was. Waterdunen
betaalde meer belasting dan IJzendijke en Biervliet. Volgens
de annalen is Waterdunen in 1357 door de zee verzwolgen. Nadien
zou er, na herdijking, op het eiland opnieuw een parochie zijn
gesticht. Dit tweede Waterdunen verdween op het eind van de
vijftiende eeuw in de golven van de Noordzee. |
| Weele |
Verdronken dorp op Noord-Beveland.
Weele lag ten noorden van Wissenkerke. Het wordt voor het eerst
in 1395 vermeld. De kerk van Weele behoorde tot het kapittel
van St.- Pieter in Utrecht. Het dorp ging tijdens de stormvloed
van 1530 ten onder. Het gebied van het vroeger Weele is na herdijking
bij Wissenkerke gevoegd en ligt nu in de Torenpolder. |
| Welle |
Verdronken dorp op Noord-Beveland.
De kerk van Welle was al in 1162 in bezit van de abdij van Middelburg.
Welle verdronk in 1530. Na de herdijking van Noord-Beveland
in 1598 is het gebied van Welle bij Colijnsplaat gevoegd. |
| Weldamme |
Na 1600 in Oosterschelde verzonken
dorpje bij Zierikzee. |
| Welland |
Nederzetting en kasteel bij
Noordwelle op Schouwen-Duiveland. Door overstromingen in 1421
en 1424 vernield en verdwenen. |
| Westende |
Een van de vier verdronken
dorpen op het eiland Wulpen, verdween rond 1570 |
Westkerke (1)
(ook Raaskerke) |
Verdronken dorp op het voormalige
eiland van Borssele. Westkerke ging tijdens de stormvloed van
1530 ten onder. Het dorp ligt in de Westerschelde ten zuidwesten
van Borssele. |
| Westkerke (2) |
Verdronken dorp ten westen
van Oud-Sabbinge op het toenmalige eiland Wolphaartsdijk.
Dit Westkerke verdronk op 16 november 1377. Het gebied waar
het dorp lag, werd in 1665 opnieuw bedijkt. Het heet sindsdien
de Westerlandpolder. In 1975 zijn restanten van het dorp Westkerke
ontdekt op een plek ten westen van de boerderij Hof Westkerke.
Het ging om sarcofagen, grafzerken, grafstenen en muurwerk van
de vroegere kerk. |
| Westkerke (3) |
Verdronken dorp in het Zuidland
van Schouwen. Dit Westkerke lang ten zuiden van de Coudekerke,
dus zuid van de huidige Plompe Toren die in de Oosterscheldedijk
staat. |
| Wevelswale |
Kustdorp aan
de Westerschelde ten noorden van Hoek in Zeeuws-Vlaanderen.
De St.-Baafsabdij te Gent had een boerderij in Wevelswale. Het
dorp wordt voor het eerst in 1170 genoemd. Het werd beschermd
door de Monniksdijk. Wevelswale lag in de monding van de huidige
Braakman, ongeveer waar nu de Braakmanhaven ligt, westelijk
van de Nieuw-Neuzenpolder (Dow Chemical). Een rijke boer, en
zekere Arnoldus van Evergem mocht rond 1170 belasting innen
in Wevelswale. Dat gebeurde naar gewoonte in natura. Een probleem,
want Arnoldus had problemen met het vervoer van zijn ontvangen
belasting, de tienden, naar zijn ver zuidelijk gelegen hoeve
bij Evergem. Dus ruilde hij het recht op tiendhef-fing in Wevelswale
met de grootgrondbezitters van de Gentse St.- Baafsabdij. Hij
kreeg er een tiend bij Evergem voor terug.
Een andere boer in Wevelswale was Dirk Cleyland. Hij bezat er
rond 1268 een ridderhofstede. Wevelswale verdronk in 1375/1376
in de Braakman. |
| Willemskerke |
Verdronken dorp in de Braakman |
| Wiksdorp |
Verdwenen dorp ten noorden
van Braasdorp in de Poel |
| Wolfertsdorp |
Verdronken dorp op het voormalige
eiland Borssele. De eerste vermelding van Wolfertsdorp dateert
uit 1353. Het lag ten zuidoosten van Monster, het tegenwoordige
Borssele. Kort na de stormvloed van 1530 werd het dorp als "geheel
weggeschuert" vermeld. |
| Yersekeroord |
Nederzetting in het Land van
Reimerswaal. Waar de Schelde ter hoogte van Bergen op Zoom een
bocht naar het westen maakte stond het tolhuis van Yersekeroord.
Op oude kaarten wordt het als een stenen burcht aangegeven.
Yersekeroord verdronk tijdens de stormvloeden van 1530 en 1532.
|
| Zuidkerke |
Zuidkerke was het belangrijkste
dorp van Zuidland, het gebied aan de zuidkant van Schouwen dat
aan het eind van de Middeleeuwen door de agressieve Oosterschelde
werd weggevreten.
Zuidkerke werd al rond 1250 genoemd. |
Zwartewale
(ook Swartewaal, Swartewiel) |
Gehucht in het Land van Reimerswaal.
Het lag tussen Duvenee en Nieuwkerke Zwartewale verdronk tijdens
de vloeden van 1530 en 1532. |